MELKWEG Amsterdam
29 juli 2008
Nashville Pussy opent vanavond met haar van testosteron doordrenkte sleazy southern hardrock. Testosteron ondanks, of dankzij twee sexy rondborstige stoere rockchicks in hun midden. Leadgitariste Ruyter Suys kan behalve lekker spelen ook heel goed posen, waarbij de energie en het speelplezier eraf spat.
Bassiste Karen Cuda doet niet voor collega Suys onder en bewijst dat ze ook goed kan posen en spelen, terwijl iemand uit het publiek haar wodka voert. Gitarist/zanger Blaine Cartwright (echtgenoot van Ruyter) heeft met één voet op de monitor precies de juiste gruizige rockstem. Overduidelijk draait het bij Nashville Pussy om speelplezier, een goede show, drank, drugs, rock ‘n’ roll en pussy, met de fles Kentucky-whiskey die op het podium rondgaat als stille getuige. Natuurlijk wordt er ook even een nummer opgedragen aan Peter Pan Speedrock, waarvan een paar bandleden present zijn. Tijdens Nutbush City Limits (Ike & Tina Turner) wordt de band voorgesteld om vervolgens af te sluiten met Rock ‘N’ Roll Outlaw (Rose Tattoo), waarbij Ruyter haar uiterste best doet om al haar snaren te breken.
Reverend Horton Heat (de artiestennaam van frontman Jim Heath) is visueel minder spannend, maar muzikaal net iets interessanter dan Nashville Pussy. Contrabassist Jimbo Wallace kent alle trucjes die je met een contrabas kan uithalen en de Reverend heeft hier en daar een dikke glimlach voor het publiek, maar vooral de grote pit in het publiek zorgt voor de visuele aankleding van het optreden. De show zelf komt wat moeizaam op gang. Er zijn af en toe erg lange pauzes tussen de nummers, weliswaar opgevuld met wat stemmen op een geluidsband, maar het haalt het tempo er toch wel erg uit. Maar als er dan gespeeld wordt, is dat goed, hard en meestal snel.
De basis van Reverend Horton Heat is en blijft rockabilly, maar er zijn ook de nodige uitstapjes richting psychobilly, rock, country en surf te bespeuren. Halverwege kondigt de Reverend aan dat hij meestal zijn eigen werk afwisselt met wat covers, maar dat hij deze avond ‘a string of covers’ zal doen. Uit de jaren ’50 is daar Johnny Cash’ Folsom Prison Blues, uit de jaren ’60 Roger Miller’s King Of The Road, Black Sabbath vertegenwoordigt de jaren ’70 met Paranoid (gezongen door drummer Paul Simmons), Rock This Town van Stray Cats luidt de tachtiger jaren in en met Nirvana’s In Bloom sluit Heath de serie. Daarmee is meteen duidelijk waar de Reverend zijn mosterd haalt.
Ook het eerste nummer van de toegift is een cover: Ace Of Spades (Motörhead) wordt gezongen door Nashville Pussy’s Blaine Cartwright. Daarna volgen er nog een paar echte Reverend Horton Heat-rockabillysongs en dan dient zich alweer het einde aan van een erg lekkere rock ‘n’ roll-avond. Hiske Pronker





