{mosimage}TIVOLI / DE HELLING, Utrecht
28 november 2009
Festivals bezoeken staat gelijk aan keuzes maken. Zo ook op de derde dag van het Utrechtse Le Guess Who? festival. Gaan we naar de Britse sensatie Wild Beasts of naar de hardcorepunkers van Fucked Up? De keuze valt op de laatste. En wat blijkt? Fucked Up is werkelijk een fantastische liveband.
De band uit Toronto trakteert de Ekko namelijk op een ouderwets
spraakmakende punkshow. Of beter gezegd: dat doet frontman Damian
Abraham. Het zwaargewicht staat haast niet op het podium. Hij tilt fans
op zijn rug door de zaal, stript totdat zijn reusachtige buik over zijn
boxer hangt en gaat zelfs bezoekers achterna als die proberen de zaal
te verlaten. Als een fan naar het toilet gaat, loopt hij mee en staat
zo een tijdje op de plee te schreeuwen.
Een geweldige frontman dus die Damian Abraham. Het publiek vindt hem
fantastisch. Door zijn aanwezigheid staat de muzikale prestatie van
zijn band wel een beetje in de schaduw. Met The Chemistry of Common
Life leverde Fucked Up in 2008 één van de beste punkplaten van de
laatste jaren af en ook live spelen ze zoals een punkband hoort te
spelen: strak en snoeihard.
Iets vroeger op de avond bleek al hoe populair The Dodos zijn. Tivoli
Oudegracht is bijna afgeladen als de indieband uit San Francisco de
bühne opstapt. The Dodos zijn een apart gezelschap. Hun nummers zijn
voornamelijk gebaseerd op ritmes in plaats van melodieën. Toch
verliezen ze het liedje nergens uit het oog. Toch klinkt het niet
allemaal even lekker. De bandleden hanteren allen een percussieve
speelwijze waardoor het moeilijk is om de gitaar, drum en vibrafoon van
elkaar te onderscheiden.
Het Israëlische duo TV Buddhas zorgt voor een verrassing. De band staat
geprogrammeerd in DB’s, maar vlak voor aanvang van het concert van The
Very Best staan ze plots voor het podium van Tivoli te spelen. 
De vergelijking met The White Stripes is snel gemaakt: een jongen op
gitaar en een meisje op drum die samen garagerock maken. Dat is niet de
enige invloed van TV Buddhas. De oosterse invloeden geven hun riffs een
haast hypnotiserend sfeertje. Het publiek staat eerst nog wat verbaasd
te kijken, maar aan het eind van de kwartierdurende set deint men
enthousiast mee op de intense groove van de Israëliërs. Absoluut een
geslaagde verrassing!











