(SAINT JUDE) Halverwege de eerste luisterbeurt van Saint Judes Diary Of A Soul Fiend toch nog even de bijbehorende bio geraadpleegd. Hier wordt namelijk vermeld dat het een debuut-album betreft van een zeer getalenteerd Brits muziekgezelschap dat zo rond 2005 zou zijn opgericht.
Groot is de verrassing wanneer er prettig lome southern-rock uit de
speakers knalt zoals dat in het nummer Angel te horen is. Deze muziek is
ook bij collega-muzikanten niet onopgemerkt gebleven, waardoor het
zomaar kan gebeuren dat je zowel Ron Wood als Jimmy Page bij een
optreden tegen het lijf loopt. Niet geheel toevallig zijn er enkele
gitaarpartijen van de Rolling Stone te vinden op het album.
Lynne Jackamans vocalen klinken nergens geforceerd en met groot gemak
wordt geswitcht van blues naar rock en soul, waarbij de invloed van
Janis Joplin niet ontkent kan worden. De vierman’s fundering van Saint
Jude laat de tijden van The Faces herleven, zoals in Garden of Eden,
tevens de single, te horen is. Bij nader onderzoek blijkt dat
bovenstaande bevindingen niet vreemd zijn. De productie is in handen van
de befaamde Chris Kimsey, in het verleden beschuldigd van nauwe banden
met The Rolling Stones. Bovendien schijnt het album in Kentucky en
Nashville te zijn opgenomen.
Het album dat tien krachtige, eigen nummers bevat is een groeibriljant
en kan met een gerust hart worden aangeschaft door iedereen die maar
geen genoeg kan krijgen van rauw en ongepolijst ‘seventies’
gitaargeluid. Een reünie van The Faces zit er niet meer in, maar Diary
Of A Soul Fiend is een aangename pleister op de wond. De
live-verrichtingen van dit sensationele vijftal zijn enorm, en niet
alleen omdat de frontvrouw zoveel prettiger oogt dan Chris Robinson van
The Black Crowes. Jeroen Bakker





