Imelda May: een dame met één krul in haar haar, een voorliefde voor tijgerprints, hoge hakken, rode lippenstift en in het bezit van een fantastische stem. Een snel rijzende ster die een mix van rockabilly en blues met een snufje jazz maakt. Hoog tijd voor een telefoontje.
Op je site staat dat je op je zestiende begon met zingen. Je bent nu midden dertig. Waarom ben je zo laat begonnen met het maken van je eigen albums?
“Ik begon inderdaad te zingen in bluesclubs toen ik zestien was. Ik zong vooral in dienst van anderen. In het begin was ik daar op mijn plaats, ik kon luisteren en leren. Ik zong bij fantastische mensen, maar was ondertussen ook zelf aan het schrijven. Ik deed vaak mee aan jamsessies en mensen vroegen me dan om mee te doen op hun albums. Daarna verhuisde ik naar Engeland. Ik ging zingen in de band van Mike Sanchez en deed veel sessiewerk voor films en dergelijke. Maar ik heb altijd mijn eigen muziek in mijn achterhoofd gehad. Toen het tijd werd om dat te openbaren kende ik alle muzikanten die ik in mijn band wilde hebben. Het is denk ik wel goed dat ik al wat ouder was toen ik met mijn eigen band begon. Nu heb ik meer zelfvertrouwen. Tegelijkertijd zou ik willen dat ik veel eerder met mijn eigen muziek was begonnen, omdat ik er nu zo van geniet.”
Toen je net naar Engeland verhuisde heb je ook voor de Candy Box Burlesque show gewerkt, hoe was dat?
“Ja, ik werkte voor Candy Box en Flash Monkey Burlesque. Beiden met heel goede livebands, met blazers en strijkers. Het was briljant, ik heb er geweldige mensen ontmoet. We werkten met clowns, waaierdansers, vuurvreters, reuzen en dwergen.”
Ik vind de Candy Box Burlesque een beetje een jaren vijftig uitstraling hebben. Jouw muziek en manier van kleden grijpen ook deels terug op die tijd. Is er een verband?
“Jaren vijftig muziek heb ik altijd al goed gevonden. Ik was er al mee in aanraking gekomen voordat ik naar Engeland verhuisde. Toen ik veertien was had ik al muziek van Eddie Cochran en Gene Vincent in huis, dat vond ik fantastisch. Ik hou van muziek uit alle tijdperken, maar ik heb iets extra’s met de jaren vijftig. Mijn ouders draaiden ook veel muziek uit die tijd, zoals Nat King Cole en Bing Crosby. Dressing up heb ik ook altijd al fijn gevonden. Mijn moeder was kleermaakster en zorgde ervoor dat we er altijd mooi bijliepen. Misschien dat ik daar mijn liefde voor mooie jurken van heb. Nu maakt de vrouw van mijn bassist Al Gare mijn kleding. Als ik een Wanda Jackson jurk wil, dan maakt zij die. Ook de gouden jurk die ik bij de Grammy’s droeg komt van haar hand.”
Hoeveel heeft dat optreden bij de Grammy’s voor je betekend?
“Het was fantastisch, ik voelde me erg vereerd om door Jeff Beck gevraagd te worden. Het was groots om met hem een tribute voor Les Paul te doen. Les Paul was geniaal. Dat hij multi-tracking en de solid-body elektrische gitaar heeft uitgevonden heeft zoveel betekend. Eigenlijk hadden ze deze tribute moeten doen toen hij nog leefde. De reacties op onze uitvoering van How High The Moon waren erg positief, ook omdat je dat soort oude nummers meestal niet hoort op de Grammy’s. Voor mij is het een gekkenhuis sindsdien. Voor die tijd ging het overigens ook al goed met mijn carrière, zeker in Ierland.”
Het gerucht gaat dat je al een nieuw album klaar hebt. Klopt dat?
“Het is bijna klaar. Het is zojuist afgemixt, nu moet het nog gemasterd worden. We hebben het echter heel druk met touren op dit moment. Love Tattoo hebben we opgenomen voordat we een platencontract hadden. Er is toen weinig aan promotie gedaan, maar we hebben wel veel opgetreden. Als we ergens terugkwamen waar we al gespeeld hadden was het publiek verdubbeld, en de keer daarna weer. De ouderwetse manier van mond-tot-mondreclame, waarmee je een prachtige connectie smeedt tussen band en publiek. Omdat Love Tattoo nu zo’n succes is heeft de platenmaatschappij een beetje haast met een volgend album. Dus ik probeer het allemaal in elkaar te passen in mijn schema.”
Krijgen we al nieuwe nummers te horen tijdens je komende optredens in Nederland?
“Uiteraard ga ik nummers spelen van Love Tattoo, maar ook van het nieuwe album. Ik vind het leuk om die te spelen, ook al heeft nog niemand ze gehoord. Waarschijnlijk spelen we ook een paar oude favorieten van me, zoals How High The Moon, als mensen dat willen. Ik ben weer opnieuw verliefd geworden op de muziek van Johnny Burnette, dus misschien spelen we daar ook wat van. Het wordt een mix van oude, nieuwe en geliefde nummers. Ik kijk er erg naar uit. Net als naar het betere slechte eten na de show. In Nederland is dat de kaassoufflé.” tekst Hiske Pronker
Livedata 1 mei R&B Night, Groningen 3 mei Melkweg, Amsterdam 4 mei Doornroosje, Nijmegen 7 mei Moulin Blues, Ospel





