Interview The Black Keys: “Onze reactie: what the fuck!”

Interview The Black Keys: “Onze reactie: what the fuck!”

Ken je dat moment dat je in de wachtkamer bij de tandarts zit, vol tegenzin uiteraard, en dat de persoon die veel later binnenkwam nog eerder naar binnen mag ook? Wel, zo voelt het een beetje op de persdag van The Black Keys in een Amsterdams hotel.

Tekst: Anton Slotboom Beeld: Danny Clinch

Advertentie

Twintig journalisten zijn opgetrommeld en de interviews zijn keurig verdeeld tussen de twee bandleden, maar direct bij binnenkomst wordt al duidelijk dat de heren moe zijn. Doodmoe. En niet bijster geïnteresseerd. We hadden al zo’n vermoeden, want de platenmaatschappij had ons al met een bizarre boodschap gewaarschuwd: interviews die over de liedjes op het nieuwe album gaan zijn uit den boze. Een idiote stelling natuurlijk, want normaal gesproken is het juist andersom: wel over de liedjes praten, niet over het privéleven.

Met lood in de schoenen schuiven we dus aan bij Patrick Carney, de boomlange en bebrilde ene helft van het duo. Een raskomiek in videoclips als die van Tighten Up, maar in werkelijkheid een gortdroge kerel die bedroefd naar zijn iPhone zit te staren, waarvan het glas helemaal gebarsten is. “Ik wil mijn vriendin bellen,” stamelt hij. En dan wordt het stil. Tja. Tijd voor de eerste vraag.

De nieuwe plaat is geproduceerd door Danger Mouse. Hij is nu echt jullie huisproducer geworden.
“Klopt. We hebben zelfs nog nooit met een andere producer gewerkt, en ik betwijfel of we dat wel zouden kunnen. Brian Eno is fantastisch, een muzikale held van me en een geweldige muzikant ook. Maar ik hoor dat zijn aanpak wat vaag is. Dat zou niet werken. Rick Rubin? Dat is een persoonlijke vriend van ons, maar zijn aanpak lijkt me niet te passen. Ik weet niet of ik wel met hem wil werken, hij blijft toch wat vaag. Terwijl Danger Mouse altijd oplossingen zoekt. Dat bevalt ons.”

Hoe herkennen we de hand van Danger Mouse op deze nieuwe plaat?
Na lang aarzelen: “In de melodieën. Ja, in de melodieën. Daarin.”

Denk je dat de luisteraar hoort dat deze plaat door hem gemaakt is?
“Weet ik niet. Maar ik hoor het wel. Door die melodieën.”

The Black Keys debuteerde in 2002 en Patrick vertelt dat het voor hen begon in de bovenzaal van Paradiso. “En daarna hebben we vele malen hier gespeeld. In Paradiso, in de Melkweg, daarna in de grote zaal van Paradiso.” Uiteindelijk belandde het duo in de Heineken Music Hall en het Klokgebouw te Eindhoven. Een verrassende keuze, zou je denken. “Maar het maakt niet uit of je voor vijfduizend mensen speelt of vijfhonderd,” vindt hij. “Echt niet. Dat voelt voor mij hetzelfde. Paradiso of de HMH? Uiteindelijk is de ene even buiten de stad en de andere hipper. Dat is het. Ik vind ook dat je niet steeds hetzelfde moet doen, dus na zoveel keren Paradiso kun je beter iets nieuws verzinnen. Je kunt als band vijf keer Paradiso volspelen of een keer HMH. Doe mij dan maar het laatste, dan kan ik sneller naar huis. Aan die show in de HMH heb ik goede herinneringen. We waren moe, maar ik genoot er van. Dat weet ik nog goed. Ook al wilden we het optreden eigenlijk afzeggen, omdat we echt helemaal suf getourd waren. We waren op, maar mochten het niet afzeggen. Ons werd verteld dat dat onbeschoft zou zijn.”

YouTube Preview Image

Het succes moet met het uitstekende nieuwe album El Camino een vervolg krijgen?
“Het succes van Brothers heeft me ongelooflijk verbaasd. Dat was een moeilijke, gekke plaat, en helemaal niet toegankelijk!”
El Camino is dat natuurlijk wel, helemaal met zo’n single als Lonely Boy. Het idee dat The Black Keys zompige, monotone bluesrock maakt is achterhaald: dit zijn popjuweeltjes van jewelste, en veelal logische verlengstukken van de singles die op Brothers stonden. Die singles gingen steevast gepaard met opvallende videoclips, nu is dat weer zo. The Black Keys doet muzikaal wat het wil en klinkt tijdloos, maar tegelijkertijd is er geen band op aarde die zo slim omgaat met het digitale tijdperk. “Ik snap wat je bedoelt, ja.” De schouders ophalend: “Maar er is geen masterplan. We hebben een goed team om ons heen en we hebben maar weinig te maken met de video’s.”

Maar met zoveel lolligheid zul je toch nooit serieus genomen worden?
“Dat hoeft ook helemaal niet. Er zijn maar weinig artiesten die een rolmodel zouden moeten willen zijn. Ik ben nog veel liever grappig dan dat ik op 30 Seconds To Mars ga lijken. Die staan ook voor lul, maar ze hebben het zelf niet in de gaten.”

Toch gaat het ook wel eens mis, vertelt Patrick, die inmiddels werkelijk geanimeerd raakt. “De platenmaatschappij had een video laten maken met naakte vrouwen en een dinosaurus. Onze reactie: what the fuck! We schrokken ons rot en werden kwaad. Waarom is er geld uitgegeven aan zo’n clip? Wie besloot dat en waarom wisten wij het niet? De oplossing was dat Dan teksten heeft geschreven die onder in beeld zijn gezet. Wat er stond? ‘Dit is een stomme video, gemaakt door de platenmaatschappij. De band had hier niets mee te maken.’ Het resultaat viel daardoor alleszins mee.”

LIVEDATA 17 augustus Lowlands, Biddinghuizen 18 augustus Pukkelpop Hasselt 3 december Ziggo Dome, Amsterdam

YouTube Preview Image

Gerelateerde berichten:

Dit bericht is geplaatst in frontpage, interviews, uitgelicht. Bookmark de permalink.