Festivalverslag: Pukkelpop 2012 herpakt zich met grinta

Festivalverslag: Pukkelpop 2012 herpakt zich met grinta

Na het drama van vorig jaar, likte Pukkelpop een aantal maanden haar wonden. Maar het beste antwoord op dergelijke uppercut is een keiharde remonte. Dag 1 van het sympathieke Limburgse festival loste alvast alle beloften in. Een heerlijke zomerzon, gesmeerde organisatie, goedgemutste festivalgangers en een rist goede tot uitstekende concerten. Pukkelpop is still alive!

Advertentie

Bush-frontman Gavin Rossdale stuitert nog steeds van sex-appeal met zijn lange, blonde haren en mouwloos wit shirt. Maar zowel zijn stem als het gitaarwerk van de band klinken oeverloos gedateerd. Het is al nineties wat de klok slaat. Hitnummer Glycerine is daarvan een van de meest pijnlijke voorbeelden. Sommige reünies brengen ons iets bij. Bush zit helaas in het andere kamp.

Belegen is Santigold allesbehalve. Ze presenteert zich als een Braziliaanse sambakoningin in haar sexy groen-gele outfitje, omringd door twee knotsgekke danseressen en een volledig in het wit gehulde band met maffe hoofddeksels. Santi White is bijzonder fel en heftig bij stem en bouwt haar privé-feestje op een percussieve voedingsbodem. Wanneer twee groepsleden, vermomd als een wit paard, het podium betreden, wordt het helemaal carnavalesk. Maar als we dergelijke snedige set krijgen, kunnen we daarmee perfect leven.

In de Club-tent leeft Django Django zich intussen uit met ‘feel good pop’. Lol, fun en luchtigheid te over, maar artiesten met grote A zijn ze niet en kunst met grote K bedrijven ze evenmin. Niettemin uitstekend voer voor de dansvloer.

Dan is Tinie Tempah veel meer spek voor onze. Op hun feestje zien we edgy doorkeepers, lazy pimps en dure hoeren. M.a.w. het soort party`s die ertoe doen. Tonnen enthousiasme, een mitraillettevuur aan beats en vooral heel veel overgave zetten de Marque in lichterlaaie. We kijken nu al uit naar zijn tweede album Demonstration dat eind dit jaar uitkomt.

Altijd leuk om klasse van eigen boden te horen. Creature With The Atom Brain beantwoordt helemaal aan die definitie. Verdwaald achter een rookgordijn trekken ze zichzelf pittig op gang en voeren ons mee op verre dromen waarin cowboys op paard en met sporen doorheen de woestijn dwalen. Een onheilspellende road trip waarin instrumenten spreken met emoties. Aldo Struyf is een voortreffelijke zanger, gedekt door een uitstekende band.

Eén van de artiesten waarvoor we vandaag onze bedstee verlieten, is Lianna La Havas. De 22-jarige singer-songwriter mocht reeds op tour met Bon Iver en wordt getipt als één van de soulrevelaties van 2012. Het zwarte meisje met de weelderige haardos in kort rokje en op hoge zolen tokkelt onschuldig op de gitaar en overrompelt ons met die prachtige haast kristallen stem van haar. Daarmee weeft ze wondermooie klankpatronen en bewijst ze dat ze in ieder geval over voldoende talent beschikt om in de traditie van grote soulzangeressen te stappen. En zwarte humor is haar evenmin vreemd want met Forget brengt ze een ode aan een ex-vriendje.

Björk is zoals altijd haar excentrieke zelf met een concert dat het midden houdt tussen een recital van onorthodoxe sirenenzang en een klank- en lichtspel. Allemaal erg bevreemdend. We vragen ons af of de gemiddelde Pukkelpopganger hierop zit te wachten.

Geef ons maar The Gaslight Anthem. De Springsteen-adepten (of was het andersom?) genereren een pak meer st(r)oom. Hun rechttoe-rechtaan rock en roll klinkt erg aanstekelijk. Springsteen is inderdaad nooit ver weg, aangevuld met een lekkere porties Pogues-gekte. House Of The Rising Sun krijgt een gesmeerde, geoliede bluesversie die voor de zoveelste maal aantoont dat in het New York kwartet een heuse stadionband huist.

Nicholas Jaar heeft Chileense roots die hij mooi verwerkt in zijn opzwepende vertoning. We horen zowel flarden Sisters Of Mercy op 16 toeren, symfonische ‘rockjes’ en een duistere, intrigerende muzikale avondwandeling. Slow motion gospel, repetitieve stemmen, groovy technotrance, Kraftwerk-echo’s en donkerzwarte r&b…. Kortom, een erg dansbare cocktail. De toegevoegde waarde die sax, gitaar en drums leveren, verheffen dit concert tot allerbeste van de dag.

Feist moet aanvankelijk vooral optornen tegen het laatavondgeroezemoes in de Marquee. Maar ze blijft volharden met een aanstekelijk stemgeluid dito songs en verovert haar publiek hoofd na hoofd. Een overwinning die telt!

Waar is de tijd dat Netsky met zijn platenkoffertje kleine clubjes trachtte te verleiden tot een danspasje? Vandaag vult zijn liveproject mét uitgebouwde lichtshow de Main Stage overtuigend. Wanneer de erg aanstekelijke MC uitroept dat het de hoogste tijd is “to light this festival up” raast er een drum & bass-storm (sorry voor de woordkeuze, Chokri) over het terrein. Het woord ‘speedjazz’ lijkt ons een een relevant synoniem. Zangeres Diane doet haar emotionele duit in het zakje. Netsky is big vandaag, zonder enige twijfel!

We sluiten dag één af met Mark Lanegan. Net als tijdens al die andere doortochten, bekruipt ons een ‘ja maar’ gevoel. Lanegan beschikt zonder discussie over een rist erg sterke songs die donker en dreigend naar de keel grijpen. Gecoverd door een sterke band en getekend door emotionele grinta. Op die momenten zijn Mark Lanegan en zijn band heel erg genietbaar. Maar evenzeer sluipt er geregeld een zeker monotonievirus binnen in een aantal van zijn nummers met een voorliefde voor misplaatste coolness… Jammer!

DAG 2: EXQUIS SNOEPGOED IN BLOEDHETE FESTIVALKRAAM

Sam Sparro en band kiezen ondanks de hoge temperaturen voor een volledig zwarte outfit. Het repertoire van de androgyne Sparro klinkt daarentegen zomers licht. Noem het popvariété met een stevige dip discosoul. De Village People-danspasjes krijgen we er gratis bij. Sparro levert subtropische impulsen voor lijf en leden. Niets minder, maar evenmin iets meer.

Eagles of Death Metal gaan met I Only Want You bijzonder stormachtig van start. Frontman Jesse ‘The Devil’ Hughes oogt met zijn gigantische snor als en vervaarlijke kapitein Haddock. We krijgen een metersdikke muur van masieve gitaren over ons heen waardoor Hughes zich met veel machogedrag en een sterke vocale prestatie succesvol een weg baant. AC/DC en Led Zeppelin loeren geregeld om de hoek. De ‘Californians’ bewijzen dat je met een drumstel en een rist gitaren verdomd goede muziek kunt maken. Hun gloeiende southern rock vuurt deze bloedhete zomerdag aan met een vat vol kerosine.

Band of Skulls put uit dezelfde traditie met meer gevoel voor melodie. Aanstekelijke songs waarop het moeilijk stilstaan is. De hoge, schelle stem van Russell Marsden voegt extra pigment toe. Bluesrock zoals we het graag horen. Meer van dat…

Apparat Band ambieert een kruisbestuiving tussen Radiohead en Sigur Ros. Deze band jongleert met opwindende, aantrekkelijke ambient-scapes, gekleurd door veel zin voor verbeelding. Geen landschapstafereeltjes maar vibrerende stadsimpressies vol hectiek. De bijhorende beats verraden het dance-verleden van Sascha Ring. Eén van de verrassingen van het festival.

Verrassen doet Martin Solveig al lang niet meer. Hij groeide uit tot een superster. Vandaag is hij in de Boiler Room de architect van een party die gutst van het zweet en de ene beat-climax na de andere afvuurt. Absolute climax: Solveig die zich als een hemelbestormer op het dj-podium hijst en uitroept: “You are the Coachella of Europe.” Weten we dat ook al weer…

Li Lykke Timotej Svensson Zachrisson is een mooi meisje maar neemt zichzelf onsterfelijk au sérieux. Ze staat op het podium met een blik alsof ze voor haar eerste Olympische finale staat. Tearjerker Sadness Is My Boyfriend ondersteunt die state of mind nog eens extra. Toch horen we een helder en krachtig stemgeluid waarmee Lykke Li haar weltschmerz verpakt in toegankelijke songs. Maar gaandeweg wordt ze zo zwaar op de hand dat de opwinding erg ver zoek raakt.

Aan het andere uiterste van die opwindingscurve staat Goose dat even later een volgepropte Marquee naar zijn kookpunt voert. De Kortrijkzanen bewijzen eens te meer dat ze tot het absolute kruim van de Belgische rockwereld behoren. Goose grijpt zijn publiek regelrecht naar de strot met snoeiharde electro-beats. We vragen ons af waarom deze band niet op het hoofdpodium staat. Anderzijds zorgt de beslotenheid van de Marquee ervoor dat dit concert uitgroeit tot één van de topfeestjes van Pukkelpop 2012. Afsluiter Words laat ons lichtjes… woordeloos achter. Laat maar komen dat derde album!

We houden van singer-songwriters die hun plaats opeisen in de pikorde van hun band om een uitgesproken performance weg te geven. Brit Jamie Woon is er zo eentje. Hij strooit een aantal funky riffs rond die het ene moment honingzoet smaken om even later erg catchy in te hakken. Als toetje krijgen we een romantisch slotakkoord. Mooi werk, maar toch blijft Jamie Woon eerder een zaal- dan een festivalact en valt iets te licht uit voor de massa van de Marquee.

Veel festivalgangers hebben ongetwijfeld gewacht op het moment dat Greg Dulli met zijn Afghan Whigs voor de spotlights treedt. Ze worden beloond want we krijgen meer dan een uur powerplay van een oerklassieke bezetting met een uitzonderlijke zanger. Dulli is in topvorm en schreeuwt song na song (een) heel straffe soul doorheen de pompende rockradar waarop de band zich met veel bravoure beweegt. Afghan Whigs trotseert de zo gevreesde ‘reünie-tand des tijds’ met veel succes en stuurt ons met een warm gevoel de Hasseltse nacht in. Een integere ode aan een getergd festival…

DAG 3: OPERATIE VERRIJZENIS GESLAAGD!

De slotdag van Pukkelpop is de heetste uit de geschiedenis van dit festival. Gelukkig is er voldoende water en zonnecrème aanwezig en vinden de divers bands voldoende verkoeling. Een aantal onder hen put er zelfs blijkbaar extra inspiratie uit. En avant!

The Shins komen uit Albuquerque, één van de VS-staten met de moeilijkst uit te spreken naam. Maar dat belet James Mercer & co. op de Main Stage niet om muziek te maken die er erg vlot in gaat. Melodieuze pop die geregeld een flower power-flow over de festivalweide uitstrooit. Soms lijkt het wel Simon & Garfunkel. We zij er niet kapot van maar ondanks de brandende hitte houden The Shins zich meer dan recht tijdens hun tweede Pukkelpop-optreden.

Nadien neemt Patrick Watson de fakkel over in de Club. Hij balanceert tussen een ondraaglijk licht, transparant stemgeluid en vocale uppercuts. Dat leidt tot een unieke sound, ingebed in een rijk, gediversifieerd en kleurrijk groepsgeluid. Inventieve, onvoorspelbare en gedurfde composities met een organisch tintje. Zo horen we het graag…

Na een erg indrukwekkende minuut stilte om de Pukkelpop-slachtoffers van vorig jaar te herdenken, mogen The Hives volledig loos gaan. Naast een overdosis aan adrenaline, beschikken de Zweden eveneens over een gezonde dosis humor. Bij een temperatuur die met de 35 graden-grens flirt, dagen de heren rijkelijk gekleed op in lange, zwarte pittelaars, dikke witte overhemden en tophats. “It’s only as hot as you want” schreeuwt zanger Howlin’ Pelle Almqvist die “zo zot is als een kanon” (zoals ze dergelijk ADHD-gedrag in Vlaanderen omschrijven). Een concert van The Hyves beluister je met het verstand op nul en het gehoor op oneindig. De AC/DC van Scandinavie pompt een uur lang met die gekende ongedwongen, ‘fris-van-de-lever formule”.

Zanger Peter Silberman van The Antlers gedraagt zich als een huilende Pukkelpop-wolf, die zich met veel genot wentelt in de melodramatische arrangementen die zijn metgezellen voor hem uittekenen. De ijle vocalen, die een rag van spindraad weven en trillen van duistere emoties, kruipen naar onvermoede plaatsen. Een impressionante band die de volgende jaren zeker weerkeert naar Hasselt-Kiewit.

Helemaal bovenaan de succesladder kropen intussen The Black Keys. Zij catapulteren ons met hun heerlijk warme en naar nostalgie geurende analoge sound vijftig jaar terug in de tijd. De bluesrockers uit Ohio denderen als een op hol geslagen goederentrein – die nog voor de invallende duisternis zijn bestemming moet bereiken – over de duizenden festivalkoppen heen. En ze zullen tijdig arriveren want dit klinkt zo gesmeerd en ingevet dat afremmen absoluut niet aan de orde is. Al helemaal niet wanneer hitsingles, genre Lonely Boy, door de verhitte speakers knallen. Toch krijgen we ook een bloedstollende time-out wanneer Dan Auerbach op zijn goudkleurige akoestische gitaar Little Black Submarines uit het water haalt. Top!

Voor meer fraais rennen we als de donder richting Marquee waar Wilco de gitaren alweer gestemd heeft. Jeff Tweedy en bandleden toveren virtuoze snaar- en drumpatronen tevoorschijn. Bij momenten echoot de waanzin van The Doors door de tent. Maar ook onheilstijdingen, vlijmscherpe feedback en opgenaaide chaos zijn ons deel. Bluesparels en hitsig opgejaagde gitaren waarvan je op slag verliefd wordt. Jammer dat slechts een handvol fans opdagen…

De ‘schuld’ van Foo Fighters waarvoor zonder twijfel driekwart van het publiek richting Pukkelpop trok. De festivalweide voor de Main Stage lijkt eerder op de vrijdagmiddagspits op Utrecht Centraal. Gelukkig zijn we vandaag wel aan het feest want Dave Grohl heeft zin, heel veel zin. Hij wil vooral ook de luidste zijn want gaat volledig hardcore van start. “We will play all night long”, klinkt het euforisch. Grohl verwijst nog eens fijntjes naar zijn allereerste Pukkelpop-doortocht in 1991 toen hij hier met Nirvana stond. “We speelden voor 200 dronken fans”, ontkracht de Foo Fighter meteen alle verhalen van de duizenden die beweren erbij te zijn geweest. Zoals een boeiende Foo Fighters-docu illustreert, is Grohl een op en top perfectionist. Dat blijkt ook vanavond. Het oogt allemaal heel erg rock & roll, maar hij houdt de regie stevig in handen. Gelukkig doet hij dat met zijn jongenskopje op zo’n verbluffende en ongedwongen manier dat het allesbehalve stoort. De volgende twee uur volgt zowat de ene hit na de andere. Drie toppers: Times Like These vanwege de ontroering, Young Man Blues dat schreeuwend en jammend aan zijn eind komt en Forever wanneer band en publiek haast één worden.

Een mooi orgelpunt van een festival dat zijn wonden na het drama van vorig jaar perfect likte en ditmaal door de weergoden wel werd verheerlijkt. Drie dagen zon, gelukkige mensen en een sterke organisatie (uitgezonderd het schrijnend gebrek aan vuilnisbakken… Wat in andere landen kan, moet hier toch ook lukken?). Die ontving 189.000 festivalbezoekers die een hoop goede tot uitzonderlijk sterke bands voor de kiezen en door de trommelvliezen kregen. Een opsteker van formaat!

Tekst Ruud Van De Locht; foto’s Patsie Borgers

Gerelateerde berichten:

Dit bericht is geplaatst in frontpage, Live Recensies, uitgelicht. Bookmark de permalink.
  • An_oniem

    ‘een overvolle goederentrein die richting Auschwitz spoort.’??? Wow, classy hahaha

  • Gast

    Albuquerque is inderdaad moeilijk uit te spreken. Maar het is geen staat maar de grootste stad van New Mexico