
Maandelijks krijgen we bij LiveXS tientallen tot soms wel honderd eigen beheerproducten opgestuurd. De maandelijkse luistersessies behoren tot de hoogtepunten van het werk. Onder het genot van chips en cola ontdekken we de helden van morgen.
Zie hier weer een aantal van onze bevindingen. Met onder andere: Nem-Q, Zylver, Mensenkinderen en Number Nine.
TANJA – PEACE OF MIND
De Groningse Tanja schrijft al heel lang liedjes en niet zonder succes. Want in 2000 won ze de Groningse Singer/Songwriter Contest en vijf jaar later gooide ze hoge ogen met de demo van haar band Oyster. Toen deze uit elkaar viel, stortte ze zich eerst op haar studie en begon daarna solo liedjes te schrijven. Spaarzaam begeleid door haar akoestische gitaar, laat ze horen een soepele stem te hebben, die de buigende zanglijnen goed aan kan. Wel blijft de zang een beetje op de vlakte qua dynamiek en lijkt ze haar stembereik beperkt te houden, waardoor de nummers aardig wegtikken, maar je niet echt weten te grijpen. Iets meer dynamiek en wat minder ingetogen zang zou het dan ook een stuk interessanter maken.
Leo Hoeke van Dijk
NUMBER NINE – NEW WAYS
Grote kans dat deze naam een belletje doet rinkelen. Kan goed kloppen aangezien de Utrechtse mannen van Number Nine al eens het voorprogramma van Bertolf en Miss Montreal hebben verzorgd. Met een sterke EP en een handvol nieuwe composities werd de roep naar een volwaardig product steeds groter en aan die behoefte is nu voldaan. New Ways biedt goed verzorgde, maar soms wat erg brave Britpopliedjes met een knipoog naar de sixties en seventies. De gitaarsolo’s zitten knap in elkaar en ook de harmonieën die regelmatig terugkeren maar nergens de boventoon voeren, kloppen van alle kanten. Toch ligt daar nu juist het bezwaar van het album. Nergens wordt de grens van het ontoelaatbare overschreden en juist dat randje zou best eens vaker mogen worden opgezocht. Jeroen Bakker
MENSENKINDEREN – KLEURPLAAT
Het ontwaren van (de juiste) tracktitels op dit eclectische werkje is welhaast ondoenlijk, dus daarom een omschrijving van de muziek in chronologische volgorde: wordt opvallend funky (!) gestart, al snel komt men op redelijk toegankelijke Nederpop die door het gebruik van synthesizers veel weg heeft van jaren ’80-pop (Kadanz). Daarna meer experiment. De geest van Spinvis waart rond (kent iemand de band Mam nog?). Dansinvloeden nemen toe. Horen we daar techno-invloeden? Verrek… en via (een soort van) ambient eindigt men met een klein liedje over kleine mensen; ”Alle eer aan God”. Zo kennen we ze weer. Zeer interessante veelzijdige plaat! Willem Roose
WOLF IN LOVELAND – HOMEGROWN
De van oorsprong Goesse Jan Minnaard speelde eerder in Jay Minor & The Early Birds, waarmee de Zeeuwse Popprijs 2010 in de wacht werd gesleept. Inmiddels verhuisd naar Rotterdam, heeft Jan een nieuwe start gemaakt met fraaie, ingetogen singer/songwriterliedjes, geinspireerd door muzikanten als Neil Young, nam hij met vaste muzikale partner Bas van Holt in diverse huiskamers 10 ingetogen nummers op, vol verwondering, verlangen en beschouwing. Mooi gearrangeerd en voorzien van fraaie meerstemmige zang. Geen bijster vrolijke plaat, maar je raakt er ook zeker niet door in de put. Daarvoor weten Jan en Bas je te veel mee te voeren op hun muzikale tochten. De finale van de GPNL wist hij net niet te bereiken, maar ook zonder dat predikaat is hij wel degelijk een act om in de gaten te houden. Deze plaat smaakt naar meer. En dat meer is in aantocht, naar verluidt! Leo Hoeke van Dijk
LEO GSTREIN – SOMEDAY YOU’LL BE KING
De start is veelbelovend: ongepolijste rock zoals we die kennen uit de begindagen van The Black Rebel Motorcycle Club. Helaas, te vroeg gejuicht: wat volgt is redelijk toegankelijke, maar niet erg verrassende mainstreamrock, met hier en daar wat bluesrock (The Black Sea). Alleen het melancholieke Cold November (denk aan een ballad van Evanescense) en het verrassende Bittersweat (had zomaar een productie van Michel Schoots kunnen zijn) springen er in positieve zin uit. Verdere trefwoorden: solide, degelijk en ‘keurig binnen de lijntjes’. The Counting Crows hebben er een imposante carrière mee opgebouwd. Er is nog hoop. Willem Roose
MULTI-PANEL – ALL IT TAKES
Multi-Panel is een solo-project van Ludo Maas die voor deze (derde) plaat inspiratie opdeed bij filmmuziek; All It Takes is als het ware muziek bij een niet bestaande film. Denk muzikaal aan Boards Of Canada, Mūm en – wat verder terug in de tijd – Tangerine Dream; new age zonder dat het zweverig wordt, Saint Germain zonder dat je het lounge kunt noemen, maar wel relaxt, heel relaxt. Soms sijpelt er een soort van liedjesstructuur door zoals in de titeltrack, Field of Grey en Tenten, een enkele keer is een voorzichtige beat hoorbaar (Hombres) en eenmaal zelfs beide (Lights May land). All it Takes is vooral een plaat om in één keer helemaal te beluisteren, liefst meerdere keren, liefst in de herfst, liefst in het donker. Willem Roose
ZYLVER – VAN VERE
Muzikaal project van tekstschrijver en componist Jan van Geerenstein en muzikant Tom Janssen, versterkt door vaste medewerkers Timo Somers (Vengeance, gitaar) en Auke Busman (Twarres, zang), die Nederlandstalige teksten koppelen aan ietswat steviger rockende symfonisch aangelegde muziek in het verlengde van bands als Yes, Marillion en Muse. Gestoken in een kartonnen hoesje, waarin een boekje met teksten, fraaie illustraties van Roel Ottow en een begeleidend verhaal van de hand van Jan van Geerenstein, ziet en klinkt het er erg verzorgd uit. De muziek is goed geproduceerd, doordacht gearrangeerd en vlekkeloos uitgevoerd, wat het karakter van een in basis studioproject lijkt te verraden. De zang is wel een beetje aan de voorzichtige, ingetogen kant, terwijl de muziek je zal moeten liggen, wil het je raken. Zelf had ik wat moeite om teksten en muziek meteen goed samen te kunnen volgen. Maar verder een prima plaat van gedegen muzikanten. Leo Hoeke van Dijk
NEM-Q – 301.81
Pretentieus projectje dit; conceptalbum over Adrian, een jongen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Het prachtig hoesje belooft veel. De progressieve, dynamische en zorgvuldig opgebouwde songs passen ook heel goed bij het thema. De muzikanten zijn technisch vaardig, de ritmes uitdagend, de songs heel aardig, maar het knalt geen moment. Erger nog: het is een draak van een album. Zelfs een getraind progluisteraar begint halverwege te knikkebollen. Dat ligt voornamelijk aan het ontbreken van grooves en de erg magere productie. Het mist een vol gitaargeluid en de drums klinken als een koekblik. Was het geld soms op? Gemiste kans. Milo Lambers
RAIN CHECK – HEAR ME OUT
Delfts female-fronted vijftal dat melodieuze poppy hardrock brengt met virtuoze gitaarsolo’s, drijvende baslijnen en strakke drums. Naast drie studiotracks staan er ook drie livetracks op, waaronder een, opgenomen tijdens hun optreden bij ‘Serious Request’ in Leiden afgelopen december. De arrangementen zijn solide, redelijk recht-toe-recht-aan, maar toch goed opgesierd met gitaarlijntjes en beukende riffpartijen. De zangeres heeft een flinke strot in het verlengde van Anouk, maar legt aanzienlijk minder subtiliteiten in haar lijnen neer. Hierdoor wordt het een beetje eentonig naarmate de EP vordert. Jammer, want de akoestische nummers laten horen dat er veel meer in de nummers zit dan alleen maar power. Leo Hoeke van Dijk
DE MEISJES – BETER IETS DAN NIETS
Band rondom de schrijvende Groninger broers Auke en Hans Hulst, die tussen hun journalistieke en literaire bezigheden door liedjes schreven. Samen met gitarist Christof Bauwens (o.m. Henk Westbroek) en drummer Teun Supheert (Andre Manuel, Ernst Jansz), namen ze een selectie van hun liedjes op, wat deze cd opleverde. Het geluid ligt in het verlengde van Nederlandse producties uit het midden van de jaren tachtig zoals Hennie Vrienten. Gevarieerde en melodieuze muziek met een jazzy inslag, subtiel gelaagd, open en mooi geproduceerd. Wat helaas niet kan verhullen dat de zang net wat te eentonig en qua bereik beperkt is. Wat dan weer jammer is, want verder klinkt het gewoon lekker strak. Leo Hoeke van Dijk





